Limburgse vlaai het meest favoriete gebak dat Limburg & Nederland kent. Als er kermis of een verjaardagfeest wordt geviert in familiekring dan staat er natuurlijk Limburgse vlaai op de tafel en zeer zeker bij de Maastrichternaren.
Benodigdheden:
250 gr. bloem
1 ei
1 grote eetlepel of 20 gr. kristalsuiker
15 à 20 gr. bakkergist
60 à 80 gr. boter
ca. 1 dl melk( eventueel de hoeveelheid ei en boter halveren en met melk compenseren een snufje zout
Bereidingswijze:
Verkruimel eerst de gist in een 2-tal eetlepels lauwe melk tot een gistmengsel. Doe de bloem in een kom, maak inhet midden ervan een kuiltje en giet daarin de gist, het ei en de suiker. Strooi een snufje zout over het geheel, kneed het dan langzaam van binnen naar buiten. Voeg ondertussen de melk beetje bij beetje toe en de zachte boter tot het deeg soepel is. Voeg bij deeg wat te droog is wat extra melk toe, bij te kleverige deeg kunt u wat bloem toevoegen. Bol het deeg op. Bedek het dan met een handdoek en laat het ca. een 1/2 uur rijzen . Rol het dun uit op de met bloem bestovenwerktafel en bedek er een beboterde vlaaivorm mee. Druk met de vingertoppen de bodem aan en rond dan mooi af. Rol er met de deegrol even over. Prik met een vork de bodem enkele keren in en laat het weer rijzen tot het deeg er gezwollen uitziet. vul de vlaai, bv. met een stevige rijstepap, een pudding of vruchten. Bestrooi de bodem eerst met wat suiker en kaneel. Dan vullen, met bv. in partjes gesneden pruimen, kruisbessen, kersen, appelschijfjes.... en strooi er wat suiker op ( eventueel gemengd met wat bloem en/of kaneel ) . Laat nog even rijzen. Bak 20 à 25 minuten in een warme oven ( 200 graden ). Vul in de winterperiode vnl. met spijs van gedroogde vruchten.
Tip van Teun: Maak eens een vlaai met 'latjes' Eerst maakt u de helft meer deeg aan en legt vervolgens dunne reepjes vlechtsgewijs bovenop de vlaai.
Smakelijk eten!